🗞️ Nieuwsbrief Momentum Vastgoed Juni 2026

Lees hier onze maandelijkse nieuwsbrief!
In deze korte editie brengen we je op de hoogte van enkele belangrijke nieuwigheden. Zo bespreken we onder andere het gevolg van de handhaving omtrent asbestdaken en geven we meer duidelijkheid over het maatregelenregister bij huurcontracten in Vlaanderen. Ook brengen we je graag op de hoogte van een nieuw standpunt omtrent het verhinderd bezit en meer!

Weekendverblijf of chalet niet langer automatisch ‘verhinderend bezit

Wie een recreatiewoning of vakantiechalet bezit, wordt niet langer automatisch uitgesloten van het verlaagde verkooprecht bij de aankoop van een gezinswoning. Dat volgt uit een arrest van het Hof van Cassatie van 12 maart 2026, dat een jarenlang standpunt van VLABEL onderuit haalde.

Tot voor kort beschouwde VLABEL een vakantiewoning / weekendverblijf steevast als ‘verhinderend bezit’, waardoor kopers geen aanspraak konden maken op het gunsttarief van 2%. Het Hof van Cassatie oordeelde echter dat zo’n automatische uitsluiting niet strookt met de regelgeving. Het Hof oordeelt dat een verblijf in een recreatiegebied, waar domicilie- en permanente bewoning wettelijk verboden zijn, niet te kwalificeren valt als een 'woning' in de zin van de fiscale wetgeving.
VLABEL heeft zijn standpunt inmiddels aangepast. Het bezit van een vakantiewoning, chalet of gelijkaardig verblijf vormt dus niet langer per definitie een beletsel voor het verlaagde tarief. De beoordeling zal afhangen van de concrete kenmerken en het gebruik van het goed. VLABEL zal dit case-by-case onderzoeken.

De beslissing betekent een belangrijke versoepeling voor kopers die naast hun gezinswoning ook eigenaar zijn van een recreatief verblijf. Wel blijft een individuele beoordeling noodzakelijk om na te gaan of er al dan niet sprake is van verhinderend bezit.


Geen extra attesten bij invoering van M-peil

De Vlaamse regering wil de invoering van het toekomstige M-peil voor woningen niet gepaard laten gaan met bijkomende keuringen of certificaten. Daarmee komt ze tegemoet aan de bezorgdheden van de bouwsector over extra administratie en kosten.

Het M-peil, dat vanaf 2028 wordt ingevoerd in het kader van Europese regelgeving, moet de duurzaamheid van gebruikte bouwmaterialen in kaart brengen. Volgens minister Jo Brouns zal de nieuwe norm zoveel mogelijk matchen met de bestaande systemen, zoals het E-peil en het EPC, zodat een nieuwe attestencarrousel wordt vermeden.
Ook binnen de meerderheid wordt die aanpak positief onthaald. N-VA-parlementsleden Andy Pieters en Jurgen Callaerts benadrukken al langer het belang van een beperking van de regeldruk voor bouwheren en aannemers.
Bouwunie reageert tevreden op de aangekondigde werkwijze. De organisatie waarschuwde eerder dat bijkomende verplichtingen de bouwkosten verder zouden verhogen, terwijl de sector al kampt met een sterke terugval van het aantal particuliere bouwvergunningen.

De concrete uitwerking van het M-peil wordt momenteel verder onderzocht door OVAM en VEKA, die bekijken hoe de nieuwe verplichtingen kunnen worden geïntegreerd in de bestaande procedures.


Handhaving op het plaatsen van zonnepanelen op een asbestdak werkt

Een incident in 2025 heeft duidelijk gemaakt dat het Vlaamse verbod op de plaatsing van zonnepanelen op asbesthoudende daken wel degelijk wordt gehandhaafd. In april 2025 werden op een asbestverdacht dak van een loods bij een eengezinswoning meer dan 140 zonnepanelen geplaatst, zonder voldoende beschermings-maatregelen en in een woonomgeving.

Naar aanleiding van een parlementaire vraag, blijkt dat de regelgeving helder is: zonnepanelen plaatsen op een asbesthoudend dak is verboden vanwege de risico’s voor de volksgezondheid.
Na een melding door FOD WASO schakelde OVAM een lokale toezichthouder in. Die legde de opdrachtgever op om de werken onmiddellijk stop te zetten totdat bewezen was dat het dak asbestvrij was. Ondanks meerdere herhalingen, werden de werken voortgezet. Uiteindelijk werd een proces-verbaal opgesteld en overgemaakt aan het parket voor verdere sanctionering (bestuurlijke beboeting).
De eigenaar riskeert nu een aanzienlijke sanctie. Ook de installateur kan aansprakelijk worden gesteld, aangezien hij op de hoogte moet zijn van het verbod en dergelijke opdrachten hoort te weigeren zolang het asbest niet vooraf is verwijderd. Bovendien moeten toezichthouders niet wachten op een labo-analyse: asbestverdachte materialen worden juridisch als asbesthoudend beschouwd totdat het tegendeel bewezen is. De bewijslast ligt dus bij de eigenaar.

De zaak onderstreept nogmaals het belang van het verbod en de mogelijke gevolgen van overtredingen. Een gewaarschuwd mens is er dus twee waard. 


EPC gemeenschappelijke delen: controleer je syndicportefeuille

Hoewel het EPC voor de gemeenschappelijke delen van appartementsgebouwen inmiddels verplicht is sinds 1 april 2024, blijkt uit cijfers van VEKA dat slechts ongeveer de helft van de betrokken gebouwen over zo’n certificaat beschikt. Voor syndici is het daarom aangewezen om hun portefeuille grondig te controleren.

Het EPC gemeenschappelijke delen geldt voor alle appartementsgebouwen met minstens twee residentiële eenheden, ongeacht of het gebouw wordt verkocht of verhuurd. Het certificaat brengt de energieprestatie van de gemeenschappelijke bouwdelen en collectieve installaties in kaart, zoals daken, gevels, vloeren en centrale technieken.
Het ontbreken van een geldig EPC kan aanleiding geven tot sancties. Bovendien moet een kopie van het certificaat beschikbaar zijn voor kandidaat-kopers en kandidaat-huurders, en wordt het bij verkoop mee overgedragen aan de nieuwe eigenaar.
Er geldt wel een uitzondering voor recente appartementsgebouwen. De verplichting ontstaat pas tien jaar nadat de stedenbouwkundige vergunning werd verleend. Zodra die termijn verstreken is, moet het certificaat binnen de maand worden opgemaakt.
Deze uitzondering is uitsluitend van toepassing op gebouwen die in hun geheel als nieuwbouw werden gerealiseerd. Appartementen of appartementsgebouwen die een ingrijpende energetische renovatie hebben ondergaan, kunnen geen beroep doen op deze regeling en moeten voldoen aan de algemene verplichtingen.

Voor syndici en verenigingen van mede-eigenaars is de boodschap duidelijk: ga na of elk gebouw in beheer over een geldig EPC gemeenschappelijke delen beschikt en voorkom onaangename verrassingen bij controles, verkopen of verhuringen.


Vlaanderen scherpt regels voor verhuurplatformen aan

De Vlaamse regering zet een nieuwe stap in de regulering van kortetermijnverhuur via platformen zoals Airbnb. Met strengere regels wil ze illegale toeristische verhuur aanpakken en de druk op de reguliere huurmarkt verminderen.

Voortaan zullen enkel logies met een geldig registratienummer nog via verhuurplatformen mogen worden aangeboden. Daarnaast worden platformen verplicht om gegevens te delen met de overheid, waardoor controles en handhaving efficiënter kunnen verlopen. Gemeenten krijgen bovendien meer mogelijkheden om op te treden tegen logies die niet voldoen aan de stedenbouwkundige of toeristische regelgeving.


Maatregelenregister niet verplicht bij huurcontracten langer dan 9 jaar

Zoals in onze vorige nieuwsbrief aangehaald, geldt er sinds 1 april 2026 een nieuwe informatieplicht voor verkopers, notarissen en vastgoedmakelaars: bij de overdracht van een onroerend goed moeten zij het maatregelenregister raadplegen. Dat register bundelt alle bestuurlijke maatregelen die op een onroerend goed rusten.

De vraag rees of die verplichting ook geldt bij verhuurcontracten van meer dan negen jaar. Het antwoord is negatief. Volgens het Kaderdecreet Vlaamse Handhaving is de consultatieplicht enkel van toepassing bij de overdracht van een onroerend goed of van zakelijke rechten die eraan verbonden zijn. Tot die zakelijke rechten behoren onder meer eigendom, vruchtgebruik, erfpacht, opstal en erfdienstbaarheden. Bij de overdracht van dergelijke rechten moet het maatregelenregister dus worden geraadpleegd.
Een huurovereenkomst van meer dan negen jaar vormt echter geen zakelijk recht, ook al moet ze notarieel worden vastgelegd. Juridisch blijft het een persoonlijk recht. Daardoor geldt de consultatieplicht in principe niet voor dergelijke verhuringen.

Toch kan het in de praktijk nuttig zijn om het maatregelenregister vrijwillig te raadplegen bij huurcontracten voor een periode langer dan 9 jaar. Bij dergelijke huurcontracten kunnen bestaande bestuursmaatregelen immers een belangrijke impact hebben voor de huurder.

Schatting Hou me op de hoogte